Kunstgeschiedenis.jouwweb.nl
Home » beeldhouwkunst » romeinen

Romeinse beeldhouwkunst

Met een blik op de Grieken

waarom we in de Romeinse beeldhouwkunst veel Griekse invloeden terugvinden is dat Griekenland in 146 v.Chr. opgenomen wordt in het Romeinse Rijk. Al een eeuw eerder waren de Romeinen onder de indruk van de kwaliteit van het Griekse beeld. Onder de Romeinen waren al vroeg verschillende verzamelaars te vinden van Griekse beeldhouwkunst.

Voor de Grieken hadden de beelden bijna altijd een godsdienstige betekenis. Ze werden gemaakt in het kader van hun religie. De Romeinen daarentegen gebruikten de beelden ook ter decoratie in hun huis of tuin; pure luxe. De van oorsprong bronzen Griekse beelden, werden door de Romeinen in marmer gekopieerd. Soms letterlijk, soms met een kleine aanpassing of toevoeging. Brons en marmer zijn echter 2 totaal verschillende materialen met ieder eigenschappen. Zo bleven een groot aantal marmeren beelden niet in evenwicht en werd er bijvoorbeeld een paaltje of stammetje aan het been van het beeld toegevoegd. Zo is de Apollo ook een Romeinse marmeren kopie.

Portretbustes

Zagen we dat de Griekse beelden ons een ideaalbeeld voorspiegelden; de Romeinse beelden laten ons de dagelijkse werkelijkheid zien. De portretbuste is de belangrijkste bijdrage van de Romeinen als het gaat om beeldhouwkunst. Er bestonden al portretten ten voeten uit, dat wil zeggen een beeld van voet tot kruin, maar nog geen buste. Een buste houdt in dat de beeldhouwer kop, hals en bovenstuk van het torso (gedeelte van het bovenlichaam) laat zien. De geportretteerde wordt niet geïdealiseerd, maar getoond in al zijn of haar (on)volkomenheden!  Hier zien we een portret van keizer Probus. Hij regeerde van 276 tot 282. Het is een man op leeftijd met een lang, een beetje pezig gezicht. Het is een heel karakteristiek hoofd, dat je zou herkennen als je hem op straat tegen kwam. Het realistisch afbeelden van een persoon komt voort uit de traditie van de Romeinen om een portret van was van overledenen te maken. Het waren een soort dodenmaskers.

 

De reden waarom we in de Romeinse beeldhouwkunst veel Griekse invloeden terugvinden is dat Griekenland in 146 v.Chr. opgenomen wordt in het Romeinse Rijk. Al een eeuw eerder waren de Romeinen onder de indruk van de kwaliteit van het Griekse beeld. Onder de Romeinen waren al vroeg verschillende verzamelaars te vinden van Griekse beeldhouwkunst.

Voor de Grieken hadden de beelden bijna altijd een godsdienstige betekenis. Ze werden gemaakt in het kader van hun religie. De Romeinen daarentegen gebruikten de beelden ook ter decoratie in hun huis of tuin; pure luxe. De van oorsprong bronzen Griekse beelden, werden door de Romeinen in marmer gekopieerd. Soms letterlijk, soms met een kleine aanpassing of toevoeging. Brons en marmer zijn echter 2 totaal verschillende materialen met ieder eigenschappen. Zo bleven een groot aantal marmeren beelden niet in evenwicht en werd er bijvoorbeeld een paaltje of stammetje aan het been van het beeld toegevoegd. Zo is de Apollo van afbeelding 4-5a ook een Romeinse marmeren kopie

De Romeinse beeldhouwers maken een massa kopieën van Griekse beelden, dikwijls de enige weg om het verloren Griekse origineel te kennen. Maar van meet af leveren de Romeinen eigen prestaties, nl. het portret en het historische reliëf. De Grieken waren wijsgerig aangelegd, de Romeinen zijn slechts bedacht op nuttige, tastbare werkelijkheid. Zo is het te begrijpen dat ze in hun beelden de levende mens portretteren, en in hun reliëfs historische gebeurtenissen voorstellen

De Romeinse kunst 400 v. Chr. Tot 400 n. Chr.
• Fresco’s
• Griekse kunstenaars
• Ruimtelijke weergave
• Plastisch
• Mythologie mensfiguren

• Halve zuilen
• Beton niet massief
• Cassette plafond
• Mozaïeken

romeinen

Apollo van de Belvedere

De Apollo van Belvedère (ook wel Apollo Belvedere genoemd) is een beroemd marmeren beeldhouwwerk uit de klassieke oudheid, dat in de 15e eeuw werd herontdekt. Tegenwoordig staat het beeld op een binnenhof in het Apostolisch Paleis te Vaticaanstad en is het een onderdeel van de oudheidkundige verzameling van de Vaticaanse Musea. Het beeld is een Romeinse kopie van een Grieks origineel uit ca. 330–320 v.Chr., dat ontworpen werd door Leochares. Waarschijnlijk dateert de kopie uit de tijd van keizer Hadrianus (117-138).

 

Zagen we dat de Griekse beelden ons een ideaalbeeld voorspiegelden; de Romeinse beelden laten ons de dagelijkse werkelijkheid zien. De portretbuste is de belangrijkste bijdrage van de Romeinen als het gaat om beeldhouwkunst. Er bestonden al portretten ten voeten uit, dat wil zeggen een beeld van voet tot kruin, maar nog geen buste. Een buste houdt in dat de beeldhouwer kop, hals en bovenstuk van het torso (gedeelte van het bovenlichaam) laat zien. De geportretteerde wordt niet geïdealiseerd, maar getoond in al zijn of haar (on)volkomenheden!

 

Hier zien we een portret van keizer Probus. Hij regeerde van 276 tot 282. Het is een man op leeftijd met een lang, een beetje pezig gezicht. Het is een heel karakteristiek hoofd, dat je zou herkennen als je hem op straat tegen kwam. Het realistisch afbeelden van een persoon komt voort uit de traditie van de Romeinen om een portret van was vanoverledenen te maken. Het waren een soort dodenmaskers.

Realisme in het portret
De Grieken streefden in de voorstelling van hun personages naar de weergave van het algemeen menselijke: zij idealiseerden hun goden en helden. De Romeinen echter willen pijnlijk nauwkeurig het portret van een bepaalde mens weergeven, met de eigen hoedanigheden en gebreken. Uit piëteit voor een afgestorvene bewaart de Romeinse familie een borstbeeld van de overledene in huis. In het begin zijn dit ruwe koppen uit klei of brons, doch van de 2e eeuw v. Chr. af maakt men een soort dodenmasker, dat natuurgetrouw wordt beschilderd. Dit gebruik bevestigt de drang van de Romeinen naar realisme.