Kunstgeschiedenis.jouwweb.nl

Het Kubisme ontstond in Frankrijk aan het begin van de 20e eeuw.

De kubisten lieten de realistische vormen los.

Ze zetten hun onderwerpen over in geometrische vormen, zoals kubussen, cirkels en kegels.

De stroming heeft bestaan tot ongeveer 1920.

De onderwerpen vinden hun oorsprong in de realiteit (men moet wel goed kijken om dit in het kunstwerk terug te vinden)

braque

Kenmerken
* Alle vormen worden herleid tot basisvormen
* Vormen zijn vooral hoekig en kubusachtig.
* Verschillende standpunten in
een beeld.
* In het begin overheersen de kleuren bruin en grijs.
* Later meer kleuren en collage techniek.
* Ruimte suggestie wordt minder belangrijk

009Braquekubisme.jpg

Geometrisch kubisme (1907-1909)

Braque en Picasso lieten eens en voor altijd het lineaire perspectief achterwege.               De schilderijen van Cézanne waren een sterke inspiratiebron voor Braque.

In de eerste fase zoekt de kubistische kunstenaar naar de basisstructuren achter de dingen en zijn er nog herkenbare, tamelijk samenhangende vormen

Voorwerpen werden teruggebracht naar de basisvorm door stilering: de schilderijen lijken in eerste instantie opgebouwd uit meetkundige vormen

 

Analytisch kubisme (1910-1912).

Picasso en Braque delen al schilderend de werkelijkheid in kleine fragmentjes op om ze daarna aan elkaar te plakken tot een geheel. De vaste vormen van de objecten worden losgelaten en ontleed. Al die facetten worden samengebracht in een compositie door ze naast en vaak over elkaar uit te beelden.

Zo komt men tot "de compositions simultanées", waarbij er van uit verschillende gezichtspunten een beeld wordt samengesteld, zonder centraal perspectief. 

Kleur was van ondergeschikt belang.            

Picasso en Braque werken in deze periode op de grens van het abstracte.

                

Synthetisch kubisme (1913 - circa 1920)

Met het Synthetische Kubisme wordt de band met de realiteit weer herstelt.

Niet door terug te gaan naar zijn oorspronkelijke vorm maar door de karakteristieke omtreklijn en de materie van objecten zo reëel mogelijk weer te geven.

Deze synthetische fase, die zich vlak voor het uitbreken van de 1e Wereldoorlog ontwikkelt, heeft een sterke associatieve kant.                                                          Violen en gitaren worden herleid tot de kleur en de textuur van het materiaal waarvan ze gemaakt zijn. Tegelijk wordt gezocht naar elementen om iets te zeggen over het in beeld gebrachte onderwerp. In de collages met stukken van kranten, stoelbekledingen en touw komen stukjes van de werkelijkheid letterlijk in het kunstwerk terecht.

In de synthetische fase van het kubisme vertonen schilderijen vaak de volgende kenmerken: kleur wordt weer toegelaten, schilderijen zien eruit alsof ze met behulp van knippen en plakken uit allerlei materialen tot stand zijn gekomen, patroonornamenten in de verschillende kleurvlakken, de voorstelling wordt weer meer herkenbaar en er komt weer perspectief in het beeldvlak.

 

 

  braque_jourstillevenoptafel.jpg

Een voorbeeld is Stilleven op tafel van Braque.

http://www.kubisme.info